Na een 20 uur lange vlucht, heel veel Gratis Heineken van China Airlines en veel te veel afleveringen van series ben ik er eindelijk: Tokyo. De stad die nooit slaapt! Nou, dat was misschien een andere, maar het kan net zo goed gelden hier. Nadat ik geland ben en met mijn 2 gigantische reistassen midden door het drukste station van de wereld (Shinjuku Station) banjer kom ik aan op mijn apsartementje om daar alles in te gaan richten.
Toen ik mijn schoenen uit trapte en mijn tassen neergooi in de gang voelde het toch even raar. Ik ben er nu eindelijk. Een 2 weken lange afscheidstour thuis, een supere lange opbouw met heel veel papier werk, maar hier zit je dan. Aan de andere kant van de wereld in mijn 12m^2 schoenendoos met niet meer dan een kleine keuken, douche, bed en bureautje. Aan de ene kant voelt het heel goed dat mijn doel na al die tijd is bereikt, maar aan de andere kant ook wel een beetje eenzaam. Ik begin meteen met alles uitpakken en dingen klaar zetten voor de dag erna. Voordat ik lekker kan gaan ontdekken en leven moeten er ook nog de benodigde administratieve rompslomp gebeuren. Langs het gemeentehuis voor pension, verzekering en adres registratie. Een telefoon abonnement afsluiten. Huurcontract ondertekenen. Het is niet per se het leukste, maar ook wel belangrijk om niet het land in week 1 al uitgezet te worden. Gelukkig zit ik nog redelijk in de roze bril fase en is zelfs naar het gemeentehuis gaan hier ‘leuk’ en ‘nieuw’. Zolang het maar bij een keer blijft natuurlijk.
Met een gezonde 3 uur slaap gedurende de reisdag is het dan ook geen wonder dat mijn eerste dag in Japan niet afsluit met een knaller. Ik val stilletjes in slaap nadat ik al mijn tassen heb uitgepakt. Home sweet home.




Plaats een reactie